Gebedsthema's

 

ONDERWERPEN VERS SCHRIFT (NKJV)
Abortus Psalm
139:13-16
Want U vormde mijn innerlijke delen; Je bedekte me in de baarmoeder van mijn moeder. Ik zal U prijzen, want ik ben vreselijk [en] wonderbaarlijk gemaakt; Wonderbaarlijk zijn Uw werken, En [dat] weet mijn ziel heel goed. Mijn lijst was niet voor U verborgen, Toen ik in het geheim werd gemaakt, [En] vakkundig bewerkt in de laagste delen van de aarde. Je ogen zagen mijn substantie, nog niet gevormd. En in Uw boek werden ze allemaal geschreven: De dagen vormden voor mij, Toen [er nog waren] geen van hen.
Misbruik Exodus 22:21 U zult een vreemdeling niet mishandelen en hem niet onderdrukken, want u was vreemdeling in het land Egypte.
Verantwoording 1 Kor.
10:23-24
Alle dingen zijn wettig voor mij, maar niet alle dingen zijn nuttig; alle dingen zijn wettig voor mij, maar niet alle dingen stichten. Laat niemand de zijne zoeken, maar ieder de ander [welzijn].
Beschuldigingen Openb.12: 10
Lukas 6: 7
Toen hoorde ik een luide stem in de hemel zeggen: "Nu is redding en kracht en het koninkrijk van onze God en de kracht van Zijn Christus gekomen, voor de aanklager van onze broeders, die hen dag en nacht voor onze God beschuldigden, is neergeworpen.
Adolescentie 1 Timoteüs
4:12
Eccl. 12: 1
Laat niemand je jeugd verachten, maar wees een voorbeeld voor de gelovigen in woord, in gedrag, in liefde, in geest, in geloof, in zuiverheid.
Adoptie, spiritueel Efeziërs
1:4-5
Net zoals Hij ons vóór de grondlegging van de wereld in Hem koos, dat we heilig en zonder schuld voor Hem in liefde zouden zijn, ons voorbestemd om ons als zonen door Jezus Christus te laten aannemen, naar het welbehagen van Zijn wil.
Overspel Deut. 5:18
1 Kor. 6: 9
Hebreeën 13: 4
U mag geen overspel plegen. Weet u niet dat de onrechtvaardigen het koninkrijk van God niet zullen beërven? Laat je niet voor de gek houden. Noch hoereerders, noch afgodendienaars, noch overspelers, noch homoseksuelen, noch sodomieten.
Advies Spreuken
12:15
Spreuken
19:20
De weg van een dwaas [is] recht in zijn eigen ogen, maar wie naar raad luistert, is wijs. Luister naar raad en ontvang instructies, opdat u in uw laatste dagen wijs mag zijn.
Genegenheid Psalm 42: 1-2
1 Kor. 7: 3
Zoals het hert hijgt voor de waterbeken, zo hijgt mijn ziel voor U, o God. Mijn ziel dorst naar God, naar de levende God. Wanneer zal ik komen en voor God verschijnen?
Woede Efeziërs
4:26-27
Kol.3: 8
James 1:19
Wees boos en zondig niet ”: laat de zon niet onder gaan over uw toorn, en geef geen plaats aan de duivel.
Afvalligheid 1 Timoteüs 4: 1
Handelingen 20: 28-30
Nu zegt de Geest uitdrukkelijk dat sommigen in de laatste tijd zullen afwijken van het geloof en acht zullen slaan op misleidende geesten en doctrines van demonen.
Uiterlijk 1 Samuël 16: 7
2 Thess. 5:22
Maar de HEER zei tegen Samuël: 'Kijk niet naar zijn uiterlijk
of op het hoogtepunt van zijn postuur, omdat ik hem heb geweigerd. Want [de] [Heer doet]
niet [zie] zoals de mens ziet; want de mens kijkt naar de uiterlijke verschijning, maar de Heer
kijkt naar het hart. '
Argumenten Filipijnen
2:14-15
Titus 3:10
Doe alle dingen zonder te klagen en te betwisten, dat mag
onberispelijk en onschadelijk worden, kinderen van God zonder fouten te midden van
een kromme en perverse generatie, onder wie je schijnt als lichtjes in de
wereld.
Schild Romeinen 13:12
Efeziërs
6:11-18
De nacht is ver doorgebracht, de dag is nabij. Laten we daarom de werken der duisternis afwerpen en de wapenrusting van het licht aandoen.
Zekerheid Efeziërs
3:11-12
2 Timoteüs
1:12
1 John
5:11-13
Dit was in overeenstemming met het eeuwige doel dat Hij heeft bereikt in Christus Jezus, onze Heer, in wie we vrijmoedig zijn en met vertrouwen toegang hebben door geloof in Hem.
Atheïsme Psalm 14: 1
Romeinen 1:20
De dwaas heeft in zijn hart gezegd: "[Er is] geen God." Ze zijn corrupt, dat hebben ze gedaan
afschuwelijke werken, er is niemand die goed doet. Want sinds de schepping van de wereld worden Zijn onzichtbare [eigenschappen] duidelijk gezien, begrepen door de dingen die gemaakt worden, [zelfs] Zijn eeuwige kracht en Godheid, zodat ze zonder excuus zijn.
Verzoening Romeinen
3:23-24
Romeinen 5:11
Allen hebben gezondigd en derven de heerlijkheid van God, vrijelijk gerechtvaardigd door Zijn genade door de verlossing die in Jezus Christus is.
Aanwezigheid
( in elkaar zetten
samen)
Hebreeën
10:23-25
Handelingen 4:31
Laten we vasthouden aan de belijdenis van [onze] hoop zonder aarzelen, want Hij die beloofde [is] getrouw. En laten we elkaar beschouwen om liefde en goede werken aan te wakkeren, niet om de samenkomst van onszelf te verzaken, zoals [de] manier van sommigen is, maar [elkaar] aansporen, en des te meer als je de Dag ziet naderen.
Houding Filipijnen
2:3-5
[Laat] niets [worden gedaan] door zelfzuchtige ambitie of eigenwaan, maar laat in een nederige geest iedereen anderen beter waarderen dan hijzelf. Laat ieder van jullie niet alleen opletten voor zijn eigen belangen, maar ook voor de belangen van anderen. Laat deze geest in u zijn die ook in Christus Jezus was.
Gezag Romeinen 13: 1-2
Hebreeën 13: 7,17
Laat elke ziel onderworpen zijn aan de regerende autoriteiten. Want er is geen autoriteit behalve van God, en de autoriteiten die bestaan zijn door God aangesteld. Dus wie zich verzet tegen de
autoriteit verzet zich tegen de verordening van God, en degenen die zich verzetten, zullen zichzelf veroordelen.
Doop Romeinen 6: 3-8
Matthew
28: 18-20 Handelingen 2: 38-41
Of weet u niet dat zovelen van ons als in Christus Jezus werden gedoopt, in Zijn dood werden gedoopt? Daarom werden we met Hem begraven door de doop in de dood, zodat we, net zoals Christus door de heerlijkheid van de Vader uit de doden is opgewekt, ook zo moeten wandelen in nieuwheid van leven. Want als we verenigd zijn in de gelijkenis van Zijn dood, zullen we zeker ook [in de gelijkenis] zijn van [Zijn] opstanding, wetende dit, dat onze oude man met [Hem] werd gekruisigd, zodat het lichaam van de zonde zou kunnen afgeschaft worden, dat we geen slaven van de zonde meer mogen zijn. Want wie gestorven is, is bevrijd van de zonde. Als we nu met Christus stierven, geloven we dat we ook met Hem zullen leven.
Geloof Romeinen 4: 5
Johannes 3: 16-18
Johannes 3:36
Maar voor hem die niet werkt, maar gelooft in Hem die de goddelozen rechtvaardigt, wordt zijn geloof gerechtvaardigd
Welwillendheid Jesaja
58:7,10
Prov. 19:17,
21:13
[Is het] niet om uw brood te delen met de hongerigen, en dat u de armen die uitgeworpen worden naar uw huis brengt; Als je de naakte ziet, dat je hem bedekt, en jezelf niet verbergt voor je eigen vlees? [Als] u uw ziel uitbreidt naar de hongerigen en de gekwelde ziel bevredigt, dan zal uw licht in de duisternis opgaan en zal uw duisternis als de middag zijn.
Bijbel Hebreeën 4:12
2 Peter
1:20-21
Want het woord van God is levend en krachtig, en scherper dan enig tweesnijdend zwaard, dat zelfs doordringt tot de scheiding van ziel en geest, en van gewrichten en merg, en is een waarnemer van de gedachten en bedoelingen van het hart.
Godslastering Matthew
12:31-32
Matthew
15:19
Kolossenzen
3:8
Daarom zeg ik u: elke zonde en godslastering zal de mens vergeven worden, maar de godslastering [tegen] de Geest zal de mens niet vergeven worden. Iedereen die een woord tegen de Mensenzoon spreekt, het zal hem vergeven worden; maar wie tegen de Heilige Geest spreekt, het zal hem niet worden vergeven, noch in dit tijdperk, noch in het [tijdperk] dat komen gaat.
Zegen Efeziërs 1: 3
Psalm 24:25
Hebreeën 6: 7
Gezegend [wees] de God en Vader van onze Heer Jezus Christus, die ons gezegend heeft met elke spirituele zegen in de hemelse [plaatsen] in Christus.
Bloed Hebreeën 9:22
1 Peter
1:18
Handelingen 20:28
Efeziërs 1: 7
En volgens de wet worden bijna alle dingen met bloed gezuiverd, en zonder bloedvergieten is er geen vergeving.
Lichaam van Christus 1 Kor.12: 12-13,27 Want zoals het lichaam één is en vele leden heeft, maar alle leden van dat ene lichaam, omdat er veel zijn, één lichaam zijn, zo [is] Christus ook. Want door één Geest werden we allemaal gedoopt in één lichaam - of het nu Joden of Grieken waren, slaven of vrij - en we zijn allemaal gemaakt om in één Geest te drinken. Nu ben je het lichaam van Christus en individuele leden.
Boek des levens Openbaring
3:5
Filipijnen
4:3
Openb.20: 15
Wie overwint, zal gekleed gaan in witte klederen, en Ik zal zijn naam niet uit het Boek des Levens wegwissen; maar Ik zal zijn naam voor Mijn Vader en voor Zijn engelen belijden.
Wedergeboren 1 Peter
1:22-23
Johannes 3: 3-8
1 John
3:9,4:7,
5:1,4
Aangezien u uw ziel hebt gezuiverd in het gehoorzamen van de waarheid door de Geest in oprechte liefde voor de broeders, hebt u elkaar vurig lief met een zuiver hart, wedergeboren, niet uit vergankelijk zaad maar onvergankelijk, door het woord van God dat leeft en blijft voor altijd.
Bedrijf Efeziërs
6: 6-7 Lucas 2:49
Handelingen 6: 3
2 Thess. 4:11
Niet met oogdienst, als mensenbehagers, maar als dienstknechten van Christus, die de wil van God vanuit het hart doen, met goede wil dienstbetoon aan de Heer en niet aan mensen.
Zorgzaam Jesaja 1:17
Lukas 14: 13-14
Leer goed te doen; Zoek gerechtigheid, bestraf de onderdrukker; Verdedig de vaderloze, pleit voor de weduwe. Maar als je een feestmaal geeft, nodig dan [de] armen, [de] verminkte, [de] lamme, [de] blinden uit. En je zult gezegend worden, omdat ze je niet kunnen terugbetalen; want u zult worden terugbetaald bij de opstanding van de rechtvaardigen.
Vleselijke attracties Matthew
6:19-21
1 Johannes 2: 15-17
1 Timoteüs 5:62 Timoteüs
3:4
Jakobus 5: 5
Verzamel niet zelf schatten op aarde, waar mot en roest vernietigen en waar dieven inbraken en stelen; maar verzamel voor jezelf schatten in de hemel, waar mot noch roest vernietigt en waar dieven niet inbreken en stelen. Want waar je schat is, daar zal ook je hart zijn.
Celibaat Matthew
19:10-12
1 Kor.
7:8,9,28
1 Timoteüs
4:1-3
Zijn discipelen zeiden tegen Hem: 'Als dat het geval is bij de man met [zijn] vrouw, is het beter niet te trouwen.' Maar Hij zei tegen hen: 'Allen kunnen dit gezegde niet aanvaarden, maar alleen [degenen] aan wie het is gegeven: Want er zijn eunuchen die aldus uit [de] moederschoot zijn geboren, en er zijn eunuchen die door mannen eunuchen zijn gemaakt en er zijn eunuchen die eunuchen hebben gemaakt voor het koninkrijk van de hemel. Hij die [het] kan accepteren, laat hem [het accepteren. ”]
Karakter Matteüs 5: 3-8
2 Petrus 1: 4-9
Gezegend zijn de armen van geest, want voor hen is het koninkrijk van de hemel. Gezegend zijn degenen die rouwen, want zij zullen vertroost worden. Gezegend zijn de zachtmoedigen, want zij zullen de aarde beërven. Gezegend zijn degenen die hongeren en dorsten naar gerechtigheid, want zij zullen vervuld worden. Gezegend zijn de barmhartigen, want zij zullen barmhartigheid verkrijgen. Gezegend zijn de reinen van hart, want zij zullen God zien.
Kuisheid 1 Kor.
6:19-20
1 Timoteüs
4:12
Of weet u niet dat uw lichaam de tempel van de Heilige Geest is [die] in u is, die u van God hebt, en dat u niet van uzelf bent? Want je bent gekocht tegen een prijs; verheerlijk daarom God in uw lichaam en in uw geest, die van God zijn.
Kinderen Deuteronomium
6:5-9
Psalm 127: 3-5
Je zult de HEER, je God, liefhebben met heel je hart, met heel je ziel en met heel je kracht. En deze woorden die ik u vandaag gebied, zullen in uw hart zijn. U zult ze uw kinderen ijverig leren en erover praten als u in uw huis zit, als u langs de weg loopt, als u gaat liggen en als u opstaat.
Keuze Jozua 24:15
Matteüs 6:24
Spreuken
12:26
En als het u slecht lijkt om de HEER te dienen, kies dan vandaag voor uzelf wie u wilt dienen, of de goden die uw vaderen dienden die [waren] aan de andere kant van de rivier, of de goden van de Amorieten, in wiens land waar je woont. Maar wat mij en mijn huis betreft, wij zullen de HEER dienen.
Kerk Efeziërs
2:19-20
Matteüs 16:18
Efeziërs
5:25
Nu bent u dus geen vreemdelingen en buitenlanders meer, maar medeburgers met de heiligen en leden van het huisgezin van God, gebouwd op het fundament van de apostelen en profeten, waarbij Jezus Christus Zelf de belangrijkste hoeksteen is.
Kleding 1 Timoteüs
2:9-10
1 Petrus 3: 3-5 Deut. 22: 5
Op dezelfde manier ook, dat de vrouwen zich in bescheiden kleding sieren, met fatsoen en gematigdheid, niet met gevlochten haar of goud of parels of dure kleding, maar wat juist is voor vrouwen die godvruchtig belijden, met goede werken.
Comfort Johannes 16:33
Psalm
34:17-18
2 Kor. 1: 3-4
Deze dingen heb Ik tot u gesproken, opdat u in Mij vrede zult hebben. In de wereld zul je verdrukking hebben; maar heb goede moed, ik heb de wereld overwonnen.
Klagen Psalm 142: 1-2
1 Kor.
10:6-10
Ik roep met mijn stem tot de HERE; met mijn stem tot de Heer doe ik mijn smeekbede. Ik stort mijn klacht voor Hem uit; Ik verklaar voor Hem mijn moeite.
Compromis 2 Kor.
6:14-17
Wees niet ongelijk verbonden samen met ongelovigen. Want welke gemeenschap heeft rechtvaardigheid met wetteloosheid? En welke gemeenschap heeft licht met duisternis? En welk akkoord heeft Christus met Belial? Of welk deel heeft een gelovige met een ongelovige? En welke overeenkomst heeft de tempel van God met afgoden? Want jij bent de tempel van de levende God. Zoals God heeft gezegd: "Ik zal in hen wonen en onder hen wandelen. Ik zal hun God zijn, en zij zullen mijn volk zijn." Daarom: "Kom uit hun midden en wees afgescheiden," zegt de Heer. Raak het onreine niet aan, en ik zal je ontvangen. '
Belijdenis van zonde Psalm 32: 5
Psalm 51: 3
1 Johannes 1: 7-10
Ik erkende U mijn zonde, en mijn ongerechtigheid heb ik niet verborgen. Ik zei: "Ik zal mijn overtredingen aan de HERE belijden", en U vergaf de ongerechtigheid van mijn zonde.
Geweten 1 Timoteüs
1:18-19
1 Timoteüs
1: 5–4: 2
Titus
1:15
1 Timoteüs 4: 2
Deze beschuldiging leg ik u, zoon Timothy, toe volgens de profetieën die eerder over u zijn gedaan, dat u door hen de goede oorlogvoering kunt voeren, met geloof en een goed geweten, dat sommigen die hebben verworpen, met betrekking tot het geloof schipbreuk hebben geleden.
Moed Jozua 1: 9
Spreuken 28: 1
Psalm 31:24
Heb ik je dat niet bevolen? Wees sterk en moedig; wees niet bevreesd, noch verschrikt, want de HERE, uw God, is met u, waar u ook gaat.
Verbond 2 Korintiërs
3:5-6
1 Korintiërs
11:25
Niet dat we genoeg van onszelf zijn om iets te beschouwen als [zijn] van onszelf, maar onze toereikendheid [is] van God, die ons ook voldoende heeft gemaakt als dienaren van het nieuwe verbond, niet van de letter maar van de Geest; voor de letter doodt, maar de Geest geeft leven.
Begeerte Lucas 12:15
Kolossenzen
3:5-6
En Hij zei tegen hen: 'Pas op en pas op voor hebzucht, want iemands leven bestaat niet uit de overvloed van de dingen die hij bezit. Dood daarom uw leden, die
zijn op aarde: hoererij, onreinheid, hartstocht, slecht verlangen en begeerte, wat afgoderij is. Vanwege deze dingen komt de toorn van God over de zonen van ongehoorzaamheid.
Creatie Kolossenzen
1:15-17
Genesis 1: 1
Hij is het beeld van de onzichtbare God, de eerstgeborene over de hele schepping. Want door Hem zijn alle dingen geschapen die in de hemel zijn en die op aarde zijn, zichtbaar en onzichtbaar, of het nu tronen of heerschappijen of vorstendommen of machten zijn. Alle dingen zijn door Hem en voor Hem geschapen. En Hij staat voor alle dingen, en in Hem bestaan alle dingen.
Kruis Kolossenzen
1:19
1 Kor.
1:18
Filipijnen
2:8
Kolossenzen 2:14
Hebreeën 12: 2
Want het behaagde [de Vader dat] in Hem heel de volheid zou wonen, en door Hem alle dingen met Zichzelf te verzoenen, door Hem, of de dingen op aarde of de dingen in de hemel, vrede hebben gemaakt door het bloed van Zijn kruis.
Cultus Matteüs 7:15
Matteüs 24:11
Pas op voor valse profeten, die in schaapskleren naar je toe komen, maar innerlijk zijn het vraatzuchtige wolven.
Duisternis, spiritueel Handelingen 26: 17-18
Efeziërs 5: 8
John
3:19
Romeinen 13:12
'Ik zal u verlossen van het [Joodse] volk, evenals [van] de heidenen, naar wie ik u nu zend, om hun ogen te openen, [om] [hen] van duisternis in licht te veranderen, en [van ] de macht van Satan voor God, opdat zij vergeving van zonden en een erfenis kunnen ontvangen onder degenen die door geloof in Mij geheiligd zijn. '
Dood Hebreeën 9:27
Psalm
116:15
Ezechiël 33:11
Eccl. 9: 2-3
En zoals het is aangewezen dat mensen eenmaal sterven, maar daarna het oordeel. Kostbaar in de ogen van de HEER [is] de dood van Zijn heiligen.
Beslissingen Jakobus 1: 5-8
Jozua 24:15
Als iemand van u wijsheid mist, laat hem dan vragen aan God, die aan iedereen royaal en zonder smaad geeft, en het zal hem gegeven worden. Maar laat hem zonder twijfel in geloof vragen, want wie twijfelt, is als een golf van de zee, aangedreven en door de wind heen en weer geslingerd. is een dubbelhartige man, onstabiel in al zijn wegen.
Demonen Efeziërs
6:12
Lukas 9: 1
1 Timoteüs 4: 1
Want we worstelen niet tegen vlees en bloed, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de heersers van de duisternis van dit tijdperk, tegen de geestelijke [menigten] van goddeloosheid in de hemelse [plaatsen].
Depressie Spreuken
12:25
Psalm 42:11
Angst in het hart van de mens veroorzaakt depressie, maar een goed woord maakt het blij. Waarom ben je terneergeslagen, o mijn ziel? En waarom ben je onrustig in mij? Hoop op God; Want ik zal Hem nog loven, De hulp van mijn gelaat en mijn God.
Verlangens Psalm 37: 4
Spreuken
13:4
Efeziërs 2: 3
Mark
4:19
Galaten
5:24
Verheug u ook in de HERE, en Hij zal u de begeerten van uw hart geven. De ziel
van een luie [man] verlangens, en [heeft] niets; Maar de ziel van de ijverige zal rijk worden gemaakt.
En degenen die van Christus zijn, hebben het vlees gekruisigd met zijn hartstochten en verlangens.
Bepaling Jesaja 50: 7
Eccl. 8:11
Want de Heer GOD zal Mij helpen; Daarom zal ik niet te schande worden gemaakt; Daarom heb ik mijn gezicht als een vuursteen neergezet, en ik weet dat ik me niet zal schamen.
Toewijding 1 Kronieken
28:9
Nummers 14:24
Wat u betreft, mijn zoon Salomo, ken de God van uw vader en dien Hem met een loyaal hart en met een gewillige geest; want de HERE onderzoekt alle harten en begrijpt alle bedoeling van de gedachten. Als je Hem zoekt, zal Hij door jou gevonden worden; maar als u Hem verlaat, zal Hij dat doen
werpen je voor altijd af.
Onderscheidingsvermogen Jakobus 1: 5
Handelingen 17:11
Als iemand van u wijsheid mist, laat hem dan vragen aan God, die aan iedereen royaal en zonder smaad geeft, en het zal hem gegeven worden. Deze waren daarin eerlijker dan die in Thessaloniki
zij ontvingen het woord met alle bereidheid en doorzochten dagelijks de Schrift [om erachter te komen] of deze dingen zo waren.
Discipelschap Matthew
28:19-20
2 Timoteüs
2:1-2
'Gaat daarom en maakt discipelen van alle natiën, doopt hen in de naam van de Vader en van de Zoon en van de Heilige Geest, en leert hen alle dingen te onderhouden die Ik u heb geboden; en zie, ik ben altijd bij u, [zelfs] tot het einde van het tijdperk. " Amen.
Discipline 1 Kor. 9: 26-27 Hebreeën
12:5-8
Spreuken
22:6,15, 23:13-14
Daarom loop ik zo: niet met onzekerheid. Zo vecht ik: niet als [iemand die] de lucht slaat. Maar ik disciplineer mijn lichaam en breng het in onderwerping, opdat ik niet, wanneer ik tot anderen heb gepredikt, zelf gediskwalificeerd worden.
Discriminatie Galaten
3:28
James 2: 1,9
Er is geen Jood of Griek, er is geen slaaf of vrij, er is geen man of vrouw; want jullie zijn allemaal één in Christus Jezus
Oneerlijkheid Spreuken
13:11
Spreuken
12:22, 20:17
Rijkdom [verkregen door] oneerlijkheid zal worden verminderd, maar wie door arbeid verzamelt, zal dat doen
toename. Brood verkregen door bedrog is zoet voor een man, maar daarna zal zijn mond gevuld zijn met grind.
Leer 2 Timoteüs
1:13-14,3:16
Johannes 7:17
Efeziërs
4:14
1 Timoteüs
4:16
Houd vast aan het patroon van klankwoorden die u van mij hebt gehoord, in geloof en liefde die in Christus Jezus zijn. Die goede zaak die aan u is opgedragen, bewaar door de Heilige Geest die in ons woont. De hele Schrift [is] gegeven door inspiratie van God en [is] nuttig voor leer, voor terechtwijzing, voor correctie, voor onderricht in gerechtigheid
Twijfel Matteüs 21:21
Jakobus 1: 5-6
Jezus antwoordde en zei tegen hen: 'Ik verzeker u: als u gelooft en niet twijfelt, zult u niet alleen doen wat er met de vijgenboom is gedaan, maar ook als u tegen deze berg zegt:' Wordt verwijderd en in de zee worden geworpen ', het zal geschieden.
Drinken Efeziërs
5:18
Spreuken
20:1,23, 29-32
En drink niet met wijn, waarin dissipatie is; maar word vervuld met de Geest. Wijn is een spotter, sterke drank is een vechter, en wie daardoor wordt misleid, is niet wijs.
Aarde Gen 1: 1,10
Psalm 24: 1
Matthew
5:5
Mark
13:31
Johannes 3:31
Op.21: 1
In het begin schiep God de hemel en de aarde. En God noemde de droge [land] aarde. De aarde is van de HEER en al haar volheid, de wereld en degenen die daarin wonen.
Stichtend Efeziërs
4:15-16
1 Thess. 5:11
Maar, in liefde de waarheid sprekend, kan in alle dingen opgroeien tot Hem die het hoofd is - Christus - van wie het hele lichaam zich samenvoegde en samenbond door wat elk gewricht levert, volgens de effectieve werking waarmee elk deel zijn werk doet aandeel, veroorzaakt groei van de
lichaam voor het opbouwen van zichzelf in liefde.
Onderwijs Filipijnen
1:9-10
Psalm 94:10
Spreuken 1: 7
En dit bid ik, dat uw liefde steeds meer in kennis en alle onderscheiding zal zijn, dat u de dingen die voortreffelijk zijn, mag goedkeuren, dat u oprecht en beledigend zult zijn tot de dag van Christus.
Verlegenheid Romeinen 1:16
Jeremia 6:16
Want ik schaam me het evangelie van Christus niet, want het is de kracht van God tot redding voor iedereen die gelooft, eerst voor de Jood en ook voor de Griek.
Emoties Spreuken
4:23, 15:13
Gen 30: 2,13
Gen. 40: 6
Bewaar je hart met alle ijver, want daaruit [spring] de problemen van het leven. Een vrolijk hart maakt een vrolijk gezicht, maar door verdriet van het hart wordt de geest verbroken.
Werkgelegenheid Prediker
9:10
Efeziërs
6:5-7
1 Thess.
3:10-12
Wat je hand ook vindt om te doen, doe het [met] je macht; want [er is] geen werk of apparaat of kennis of wijsheid in het graf waar je heen gaat. Dienstknechten, wees gehoorzaam aan hen die uw meesters zijn naar het vlees, met angst en beven, in oprechtheid van hart, als met Christus; niet met oogdienst, als mensenbehagers, maar als dienstknechten van Christus, die de wil van God vanuit het hart doen, met goede wil dienstbaar aan de Heer, en niet aan mensen.
Aanmoediging 1 Thess. 5: 14 Handelingen 11: 23,20: 2 Fil
2:19
Nu moedigen wij u aan, broeders, waarschuw degenen die onhandelbaar zijn, troost de angsthazen, steun de zwakken, wees geduldig met alles.
Afgunst Psalm 37: 1
Spreuken
14:30, 23:17
Matt 27: 17-18
Handelingen 13:45
Maak je geen zorgen vanwege boosdoeners, en wees niet jaloers op de werkers van ongerechtigheid. 

 

Evangelisatie Markus 16:15
Matthew
18:18-20
Handelingen 1: 8
En Hij zei tegen hen: Ga de hele wereld in en predik het evangelie aan elk schepsel.
Slecht Gen.3: 5,6: 5
Matthew
12:35, 15:19
Johannes 3: 19-20
Want God weet dat op de dag dat je ervan eet, je ogen zullen worden geopend en dat je zo zult zijn
God, die goed en kwaad kent.
Excuses Romeinen 1:20
Lukas 14: 16-20
Johannes 15:22
Want sinds de schepping van de wereld worden Zijn onzichtbare [eigenschappen] duidelijk gezien, begrepen door de dingen die gemaakt worden, [zelfs] Zijn eeuwige kracht en Godheid, zodat ze zonder excuus zijn. Als ik niet was gekomen om met hen te praten, zouden ze geen zonde hebben, maar nu hebben ze geen excuus voor hun zonde.
Geloof Romeinen
5:1,10:17
Ef 2: 8-10
Hebreeën
11:1,2,6
Daarom, omdat we gerechtvaardigd zijn door geloof, hebben we vrede met God door onze Heer Jezus Christus. Dus dan komt het geloof door te horen en te horen door het woord van God.
Valse beschuldiging Jesaja 5:20
Matthew
26:59-60
Wee degenen die kwaad goed en goed kwaad noemen; Die duisternis voor licht en licht voor duisternis hebben gesteld; Die bitter voor zoet en zoet voor bitter zetten!
Valse leraren Romeinen
16:17-18
2 Petrus 2: 1-2
Nu, ik dring er bij u op aan, broeders, let op degenen die verdeeldheid en overtredingen veroorzaken, in strijd met de leer die u hebt geleerd, en vermijd deze. Of degenen die zo zijn, dienen onze Heer Jezus Christus niet, maar hun eigen buik, en door vlotte woorden en vleiende spraak de harten van de eenvoudige te misleiden.
Familie Efeziërs
2:19
Genesis
1:27-28
Nu bent u dus geen vreemdelingen en buitenlanders meer, maar medeburgers met de heiligen en leden van het huisgezin van God.
Vasten Matteüs 6:16,
17:21
Markus 2:18
1 Kor. 7: 5
Bovendien, als je vast, wees dan niet zoals de huichelaars, met een droevig gezicht. Want ze verminken hun gezichten zodat ze voor de mensen kunnen lijken alsof ze vasten. Zeker, ik zeg je, ze hebben hun beloning.
Angst Jozua 1: 9
Psalm 27: 1
Matteüs 10: 282 Timoteüs
1:7
Efeziërs
5:21
Heb ik je dat niet bevolen? Wees sterk en moedig; wees niet bevreesd, noch verschrikt, want de HERE, uw God, is met u, waar u ook gaat. De HEER is mijn licht en mijn redding; Voor wie zal ik bang zijn? De HEER is de kracht van mijn leven; Voor wie moet ik bang zijn?
Gemeenschap Johannes 13:34
1 Johannes 1: 3
Ik geef u een nieuw gebod dat u elkaar liefhebt; zoals ik van je heb gehouden, dat je ook van elkaar houdt.
Financiën Maleachi 3:10
Lucas 6:38
1 Timoteüs 6: 6
Breng alle tienden in het voorraadhuis, opdat er voedsel in mijn huis zal zijn, en beproef Mij nu hierin ", zegt de HERE der heerscharen:" Als Ik de vensters van de hemel niet voor u open wil doen en voor u uitschenk ] zegen Dat [er] niet [genoeg] zal zijn [om het te ontvangen.] Geef en het zal je gegeven worden: goede maat, ingedrukt, samen geschud en overlopend zal in je boezem worden gestoken. Want met dezelfde maat die u gebruikt, wordt deze naar u teruggemeten.
Dwaasheid Spreuken
24:9
1 Kor. 1: 18,21,25
Spreuken 22:15
Het bedenken van dwaasheid is zonde, en de spotter is een gruwel voor mensen.
Fruit Matthew
7:15-20
Romeinen 7: 4
Johannes 15: 1-5
Daarom ken je ze aan hun vruchten. Gevuld worden met de vruchten
van gerechtigheid die door Jezus Christus zijn, tot eer en lof van God.
Toekomst Habakuk 2: 3
Matteüs 6:34
Jakobus 4: 13-14
Want het visioen [is] nog voor een vastgestelde tijd; Maar uiteindelijk zal het spreken en het zal niet liegen. Hoewel het blijft, wacht erop; Omdat het zeker zal komen, zal het niet blijven hangen.
Geven Hebreeën 13:16
Lucas 6:38
Matteüs 10: 8
Maar vergeet niet goed te doen en te delen, want met zulke offers is God blij.
Regering Romeinen 13:19
Jesaja 9: 6
Laat elke ziel onderworpen zijn aan de regerende autoriteiten. Want er is geen autoriteit behalve van God, en de autoriteiten die bestaan zijn door God aangesteld.
Grace Efeziërs
1: 7-8 Genesis
6:8
Efeziërs
2:5-8
Rom.
3:29,5:15,20
Titus 2:11
In Hem hebben we verlossing door Zijn bloed, de vergeving van zonden, volgens de rijkdom van Zijn genade die Hij ons in alle wijsheid en voorzichtigheid heeft doen toekomen. Want de genade van God die redding brengt, is aan alle mensen verschenen.
Hebzucht Lukas 11:39
1 Timoteüs 1: 3
Toen zei de Heer tegen hem: Nu, Farizeeën, maak de buitenkant van de beker en de schaal
rein, maar je innerlijke deel is vol hebzucht en slechtheid.
Rouw 2 Korintiërs
1:3-4
Jesaja
53:3
Romeinen 9: 1-3
Gezegend [wees] de God en Vader van onze Heer Jezus Christus, de Vader van barmhartigheid en God van alle troost die ons troost in al onze verdrukking, opdat we in staat zullen zijn om degenen die in moeilijkheden zijn te troosten, met de troost waarmee wij zelf worden door God getroost.
De begeleiding Spreuken
3:5-6
Jeremia
10:23
2 Thess. 3: 5
Vertrouw op de Heer met heel je hart en steun niet op je begrip; in al je
manieren erkennen Hem en Hij zal uw stappen leiden
Schuld Psalm
32:5
Ezra 9: 13-15
Ezechiël 18:20
Jakobus 2:10
Ik erkende U mijn zonde, en mijn ongerechtigheid heb ik niet verborgen. Ik zei: "Ik zal mijn overtredingen aan de HERE belijden", en U vergaf de ongerechtigheid van mijn zonde. Want wie de hele wet zal houden en toch in één [punt] struikelt, hij is schuldig aan alles.
Haat Spreuken
6:16-19
1 John
4: 20-21 Matteüs 5: 43,44 Lucas 6:27
Als iemand zegt: "Ik hou van God" en zijn broer haat, is hij een leugenaar; want wie die zijn broer niet liefheeft, die hij heeft gezien, hoe kan hij [fn] God liefhebben die hij niet heeft gezien? En dit gebod hebben we van Hem: dat hij die God liefheeft, [ook] zijn broer ook moet liefhebben.
Hart Matteüs 22:37
Spreuken 4:23
Jeremia 17: 9
Matt 15:19
Romeinen
10:8-10
Jezus zei tegen hem: 'Je zult de HEER, je God, liefhebben met heel je hart, met heel je ziel en met heel je verstand.' Bewaar je hart met alle ijver, want daaruit [spring] de problemen van het leven.
Hemel Matteüs 7:21,
8:11,10:21
Luke
15:7,10:26
Niet iedereen die tegen mij zegt: 'Heer, Heer', zal het koninkrijk van de hemel binnengaan, maar hij die de wil van mijn Vader in de hemel doet. Maar hij, vervuld van de Heilige Geest, staarde in de hemel en zag de heerlijkheid van God, en Jezus stond aan de rechterhand van God.
Hel Psalm 86:13
Lukas 12: 4-5
Lukas 16: 22-24 Rev. 20:15
Want groot is uw genade jegens mij, en u hebt mijn ziel verlost uit de diepten van de hel. De goddelozen zullen in de hel worden veranderd, [en] alle natiën die God vergeten.
Heilig Romeinen 12: 1
Hebreeën 12: 141 Petrus
1:15-16
Ik smeek u daarom, broeders, door de genade van God, dat u uw lichaam aanbiedt a
levend offer, heilig, aanvaardbaar voor God, wat uw redelijke dienst is.
heilige Geest Romeinen 8:11
John
14:16-17,25, 26,16:13-14
Maar als de Geest van Hem die Jezus uit de doden heeft opgewekt, in u woont, zal Hij die Christus uit de doden heeft opgewekt, ook leven geven aan uw sterfelijke lichamen door Zijn Geest die in u woont.
Eerlijkheid Efeziërs
4:25
Leviticus
19:36
Daarom, door leugens weg te doen, ["laat] ieder van u de waarheid spreken met zijn naaste", want wij zijn leden van elkaar.
Hoop Romeinen 15:13
Titus 3: 7
Hebreeën
6:18-19, 10:23
Moge de God van hoop u nu vullen met alle vreugde en vrede in het geloven, dat u hoop zult hebben in overvloed door de kracht van de Heilige Geest. Dat we, door Zijn genade gerechtvaardigd, erfgenamen zouden worden in de hoop op eeuwig leven.
Gastvrijheid Romeinen 12:13
1 Petrus 4: 9
3 Johannes 5,6
... verspreiden naar de behoeften van de heiligen, gegeven aan gastvrijheid. Wees gastvrij voor elkaar zonder te mopperen.
Nederigheid Lucas 14:11
Jakobus 4:10
"Want wie zichzelf verhoogt, zal vernederd worden, en wie zichzelf vernedert, zal verhoogd worden." Vernedert u voor de ogen van de Heer en Hij zal u verheffen.
Hypocrisie Luke
12:1-2
Jesaja 29:13
Ondertussen, toen een ontelbare menigte mensen bijeen was gekomen, zodat ze elkaar vertrapten, begon Hij allereerst tegen zijn discipelen te zeggen: 'Pas op voor het zuurdeeg van de Farizeeën, dat is hypocrisie. Want er is niets bedekt dat niet zal worden onthuld, noch verborgen dat niet bekend zal zijn. ' Daarom zei de HEER: 'Voor zover deze mensen met hun mond naderbij komen en Mij eren met hun lippen, maar hun
harten ver van Mij, En hun vrees jegens Mij wordt onderwezen door het gebod van mensen. '
Afgoderij Jozua 24:14
1 Kor. 10: 4
Nu, vrees de HEER, dien Hem in oprechtheid en in waarheid, en doe de goden weg die uw vaderen dienden aan de andere kant van de rivier en in Egypte. Dien de HEER!
Onwetendheid Efeziërs
4:18
Handelingen 17:30
1 Petrus 2:15
Hun begrip verduisterd, vervreemd van het leven van God, omdat
van de onwetendheid die in hen is, vanwege de blindheid van hun hart.
Immoraliteit Efeziërs
4:21-24
1 Thess. 4: 3
1 Kor.
6:18,10:8
Nu is het lichaam niet voor seksuele immoraliteit, maar voor de Heer en de Heer voor het lichaam. Want dit is de wil van God, uw heiliging: dat u zich onthoudt van seksuele immoraliteit.
In Christus 2 Kor. 5:17
Galaten
6:15
2 Timoteüs 1: 9
1 Petrus 5:14
Daarom, als iemand in Christus is, is hij een nieuwe schepping; oude dingen zijn voorbijgegaan;
zie, alle dingen zijn nieuw geworden. Want in Christus Jezus heeft noch besnijdenis, noch onbesnedenheid iets, maar een nieuwe schepping.
Belediging Lucas 6:22
Lukas 18:32
Hebreeën 10:29
Gezegend bent u wanneer mensen u haten, en wanneer ze u uitsluiten, en [u] schelden en uw naam als slecht uitwerpen, omwille van de Zoon des mensen. Want Hij zal aan de heidenen worden overgeleverd en bespot en beledigd en bespuwd worden.
Integriteit Spreuken
10:9, 19:1,20:7
Titus 2: 7
Wie integer loopt, wandelt veilig, maar wie zijn wegen verdraait, zal worden
bekend. Beter is de arme die in zijn integriteit wandelt dan [iemand die] pervers in zijn lippen is en een dwaas is.
Intimidatie Psalm 46: 1-3,
112:7-8
Efeziërs
6:19-20
1 Thess. 2: 4
God [is] onze toevlucht en kracht, Een zeer aanwezige hulp in moeilijkheden. Daarom zullen we niet vrezen, ook al wordt de aarde verwijderd, en hoewel de bergen midden in de zee worden gedragen; [Hoewel] zijn wateren brullen [en] verontrust zijn, [Hoewel] de bergen trillen met zijn
zwelling. Hij zal niet bang zijn voor boze tijdingen; Zijn hart is standvastig en vertrouwt op de Heer. Zijn hart is gevestigd; Hij zal niet bang zijn, totdat hij [zijn verlangen] op zijn vijanden ziet. En voor mij mag die uitspraak mij worden gegeven, opdat ik moedig mijn mond kan openen om het mysterie van het evangelie bekend te maken, waarvoor ik geketend ambassadeur ben; opdat ik daarin vrijmoedig kan spreken, zoals ik zou moeten spreken. Maar aangezien we door God zijn goedgekeurd om met het evangelie te zijn belast, spreken we toch, niet als aangename mensen, maar als God die ons hart op de proef stelt.
Jaloezie Exodus 34:14
Nummers
5:12-28
Jakobus 4: 4-5
Want u zult geen andere god aanbidden, want de Heer, wiens naam [is] jaloers, [is] een jaloerse God.
Jezus Christus Handelingen 2:38
Matthew
1:1-12, 18-24
Petrus zei tegen hen: 'Bekeer u, en laat ieder van u gedoopt worden in de naam van Jezus Christus tot vergeving van zonden; en je zult de gave van de Heilige Geest ontvangen. '
Vreugde Psalm
30:5,32:11
Lukas 15:10
1 Johannes 1: 4
1 Petrus 1: 8
Voor Zijn woede [is maar voor een moment], Zijn gunst [is] voor het leven; Huilen kan een nacht duren, maar 's morgens komt vreugde. En deze dingen schrijven we u dat uw vreugde vol mag zijn.
Oordeel Psalm 9: 7-8
Handelingen 17:30
2 Kor. 5:10
Openb.20: 11-13
Maar de HERE zal voor altijd blijven bestaan; Hij heeft Zijn troon voorbereid voor oordeel. Hij zal
oordeel de wereld in gerechtigheid; En Hij zal oprechtheid over de volken leiden.
Justitie Deut.
10:17-18
Lukas 11:42
Want de HERE, uw God, is de God van de goden en de Heer van de heren, de grote God, machtig en ontzagwekkend, die geen partijdigheid vertoont of steekpenningen aanneemt. Hij handelt gerechtigheid voor de vaderloze en de weduwe, en houdt van de vreemdeling door hem voedsel en kleding te geven.
Vriendelijkheid Psalm
117:2
Titus
3:4-5
2 Petrus 1: 5-8
Want Zijn barmhartige goedheid is groot jegens ons, En de waarheid van de HEER [blijft] voor altijd.
Prijs de Heer!
koninkrijk van God Johannes 3: 3
Handelingen 19: 8
Romeinen
14:17
1 Kor. 6: 9-10; Lucas 18:16
Jezus antwoordde en zei tegen hem: 'Voorwaar, ik zeg u, tenzij iemand dat is
wedergeboren, hij kan het koninkrijk van God niet zien. '
Kennis 1 Samuel
2:3
Psalm
119:66
Spreuken
1:7,22
“Praat niet meer zo trots; Laat geen arrogantie uit uw mond komen, voor de HEER
[is] de God van kennis; En door Hem worden acties afgewogen.
Luiheid Eccl. 10:18
Spreuken
13:4, 19:24,20:4
Door luiheid vervalt het gebouw, en door ledigheid van handen lekt het huis.
Leiderschap Lucas 6:39
Matteüs 6:13
Hebreeën
13:7-17
En Hij sprak een gelijkenis met hen: “Kan de blinde de blinde leiden? Zullen ze niet allebei vallen
in de greppel? - En leid ons niet in verzoeking, maar verlos ons van de boze.
Leven Jakobus 4:14
Johannes 14: 6
Terwijl je niet weet wat er [morgen] zal gebeuren. Waarvoor [is] je leven? Het is
zelfs een damp die een tijdje verschijnt en dan verdwijnt.
Licht John
8:12
Genesis 1: 3
Psalm 44: 3,
119:105
Jezus sprak opnieuw tot hen en zei: 'Ik ben het licht van de wereld. Hij Wie
volgt Mij zal niet in duisternis wandelen, maar zal het licht van leven hebben. "
Eenzaamheid Gen.
2:18,21-25
Markus 15:34
Ecc.
4:9-10
En de Here God zei: "[Het is] niet goed dat de mens alleen is; Ik zal hem een maken
helper vergelijkbaar met hem. '
Avondmaal 1 Kor. 11:26
Lucas 22: 7-20
Want zo vaak als u dit brood eet en de beker drinkt, verkondigt u de dood van de Heer totdat Hij komt.
Liefde Johannes 3:16
1 Johannes 3:14
1 Johannes 4: 7,16
Geliefden, laten we elkaar liefhebben, want liefde is van God; en iedereen die liefheeft is geboren uit God en kent God. En we hebben de liefde die God voor ons heeft gekend en geloofd. God is liefde, en wie in liefde blijft, blijft in God en God in hem.
Loyaliteit 1 Johannes 3:16
Johannes 15:13
Numeri 12: 7
Hierdoor kennen we liefde, omdat Hij Zijn leven voor ons heeft gegeven. En we zouden ook moeten gaan liggen
naar beneden [ons] leven voor de broeders.
Lust Galaten
5:16
1 John
2:16
Jakobus 1: 13-15
Ik zeg dan: wandel in de Geest, en je zult de begeerte van het vlees niet vervullen. Want al wat [is] in de wereld - de begeerte van het vlees, de begeerte van de ogen en de trots van het leven - is niet van de Vader maar van de wereld.
Aan het liegen Spreuken
6:16-19, 12:22,13:5,
Efeziërs
4:25
Deze zes [dingen] die de HEER haat, ja, zeven [zijn] een gruwel voor hem: een trotse blik, een leugenachtige tong, handen die onschuldig bloed vergieten, een hart dat slechte plannen bedenkt, voeten die snel rennen naar het kwaad, een valse getuige [die] leugens spreekt, en iemand die onenigheid zaait onder de broeders.
Huwelijk Hebreeën 13: 4
Genesis
2:21-25
Het huwelijk is onder iedereen eervol en het bed is onbesmet; maar hoereerders en overspelers
God zal oordelen.
Zachtmoedigheid Numeri 12: 3
Psalm 37:11
Kolossenzen
3:12
Nu was de man Mozes erg nederig, meer dan alle mannen die op aarde waren. Maar de zachtmoedigen zullen de aarde beërven en zich verheugen in de overvloed van vrede.
Genade Nummers 14:18
Psalm 25:10
Matteüs 5: 7
Jakobus 5:11
'De HEER is lankmoedig en overvloedig in barmhartigheid, vergeeft ongerechtigheid en overtreding;
maar Hij zuivert geenszins [de schuldige] en bezoekt de ongerechtigheid van de vaders op de kinderen aan de derde en vierde [generatie].
Geest Jesaja 26: 3
Matthew
22:37
1 Kor. 1:10
U zult [hem] in volkomen vrede houden, [Wiens] geest [is] bij u gebleven, omdat hij vertrouwt
in jou.
Missies Matthew
28:18-20
Handelingen 1: 8
Romeinen
10:13-15
En Jezus kwam en sprak tot hen, zeggende: "Mij is alle macht gegeven in de hemel en op aarde." Ga daarom en maak discipelen van alle natiën, doop hen in de naam van de Vader en van de Zoon en van de Heilige Geest, en leer hen alles te onderhouden wat Ik u geboden heb; en zie, ik ben altijd bij u, [zelfs] tot het einde van het tijdperk. " Amen
Geld 1 Timoteüs 6:10 Spreuken
11:28
Lukas 18:24
1 Timoteüs
6:17
Want de liefde voor geld is een wortel van alle [soorten] kwaad, waarvoor sommigen in hun hebzucht van het geloof zijn afgedwaald en zich met veel verdriet hebben doorboord.
Muziek Genesis 4:21
1 Kronieken
13:8
Psalm
33:2
Efeziërs
5:19
De naam van zijn broer [was] Jubal. Hij was de vader van al degenen die harp en fluit bespelen. Prijs de Heer met de harp; Maak melodie voor Hem met een instrument van tien snaren.
Buurman Lukas 10: 27-37 Spreuken 37:10 Romeinen
13:10
Hij antwoordde en zei: "U zult de HERE, uw God, liefhebben met geheel uw hart, met geheel uw ziel, met geheel uw kracht en met geheel uw verstand" en "uw naaste als uzelf."
Gehoorzaamheid 1 Samuël 15:22 Handelingen
5:29
Efeziërs
6:1
2 Thess. 1: 8
Dus Samuël zei: “Heeft de HEER [als groot] behagen in brandoffers en offers, zoals in het gehoorzamen van de stem van de HEER? Zie, gehoorzamen is beter dan offeren, [en] acht slaan op dan het vet van rammen.
Eenheid John
10:30
Johannes 17:11 Handelingen 1:14
Genesis
2:24
Matteüs 19: 5
Ik en [Mijn] Vader zijn één. Nu ben ik niet meer in de wereld, maar deze zijn in de wereld en ik kom naar U toe. Heilige Vader, bewaar door Uw naam degenen die U Mij hebt gegeven, opdat zij één mogen zijn zoals Wij [zijn].
Wees James
1:27
Johannes 14:18
Pure en onbesmette religie voor God en de Vader is dit: wezen en weduwen bezoeken in hun moeilijkheden, [en] zichzelf onbesmet van de wereld houden.
Pijn Genesis
3:16
Openbaring
16:10
Openbaring
21:4
Tegen de vrouw zei Hij: 'Ik zal je verdriet en je conceptie enorm vermenigvuldigen; In pijn zult u kinderen voortbrengen; Uw verlangen [zal zijn] naar uw man, en hij zal over u heersen. '
Ouders Deut.
6:6-7
Efeziërs 6: 1
2 Kor. 12:14
Hebreeën 11:23
'En deze woorden die ik u vandaag opdraag, zullen in uw hart zijn. U zult ze uw kinderen ijverig leren en erover praten als u in uw huis zit, als u langs de weg loopt, als u gaat liggen en als u opstaat.
Partijdigheid Deut. 1:17
Handelingen
10:34
Romeinen 2:11
James 2: 1,9
Je mag geen partijdigheid tonen in je oordeel; u zult zowel het kleine als het grote horen; u zult voor niemand bang zijn, want het oordeel is van God. De zaak die te moeilijk voor je is, breng me en ik zal het horen. '
Geduld Nehemia 9: 301 Timoteüs 6:11 James
1:3,5:10
Lucas 21:19
Toch had U vele jaren geduld met hen, en getuigde tegen hen door Uw Geest in Uw profeten. Toch wilden ze niet luisteren; Daarom gaf U ze in de hand van de volkeren van de landen. Bezit uw ziel door uw geduld.
Vrede Nummers
6:26
Psalm 37:11
Spreuken 16: 7 Jesaja 26: 3
Filipijnen
4:6
De HERE heft Zijn aangezicht op u, en geeft u vrede. ” En de vrede van God, die alle begrip te boven gaat, zal je hart en geest bewaken door Christus Jezus.
Perfectie Hebreeën
6:1
Kolossenzen
3:14
Laten we daarom, terwijl we de bespreking van de elementaire beginselen van Christus verlaten, doorgaan met volmaaktheid, en niet opnieuw het fundament leggen van bekering van dode werken en van geloof jegens God.
Vervolging 2 Timoteüs
3:12 Matteüs 5:11
Johannes 15:20 Romeinen 12:14
Ja, en iedereen die godvruchtig in Christus Jezus wil leven, zal vervolgd worden. Zegen degenen die
je vervolgen; zegen en vervloek niet.
Volharding Romeinen 5: 3-4
Efeziërs
6:18
Jakobus 5:11
En niet alleen dat, maar we roemen ook in verdrukkingen, wetende dat verdrukking doorzettingsvermogen voortbrengt; en doorzettingsvermogen, karakter; en karakter, hoop.
Arm Deut. 15:11
Job
36:15
Spreuken 17: 5
Lucas 6:20
Want de armen zullen nooit ophouden van het land; daarom gebied ik u te zeggen: 'Dat zult u doen
open uw hand wijd voor uw broer, voor uw armen en behoeftigen, in uw land. '
Kracht Psalm 62:11
Jeremia
51:15
Mark
13:26
Romeinen 1:16
2 Samuel
22:33
God heeft eenmaal gesproken, tweemaal heb ik dit gehoord: Die kracht [behoort] aan God. Hij heeft de aarde gemaakt door Zijn kracht. God [is] mijn kracht [en] kracht, * en Hij maakt mijn * weg perfect.
Lof Psalm 30: 4,
35:8, 69:34
Hebreeën 13:15 Efeziërs
1:12
Zing lof voor de HEER, heiligen van Hem, en dank voor de gedachtenis van Hem
heilige naam. Dat wij die voor het eerst op Christus vertrouwden, tot eer van Zijn heerlijkheid zouden zijn.
Gebed Spreuken 15: 8,29 Matteüs
7:7
Filippenzen 4: 6 James
5:16
Het offer van de goddelozen is een gruwel voor de Heer, maar het gebed van de oprechten is Zijn welgevallen. De Here is ver van de goddelozen, maar Hij hoort het gebed van de rechtvaardigen.
Bidden voor broeders en zusters in
Christus (1)
Efeziërs
1:16-20,
3:14-21,6:18
Houd op met dankbaar te zijn voor u, in uw gebeden met vermelding van u: dat de God van onze Heer Jezus Christus, de Vader van heerlijkheid, u de geest van wijsheid en openbaring mag geven in de kennis van Hem, de ogen van uw begrip verlicht; opdat u weet wat de hoop van Zijn roeping is, wat de rijkdom is van de heerlijkheid van Zijn erfenis in de
heiligen, en wat is de buitengewone grootheid van Zijn macht jegens ons die geloven, volgens de werking van Zijn machtige kracht die Hij in Christus werkte toen Hij Hem uit de dood opwekte en [Hem] aan Zijn rechterhand in de hemel gezeten plaatsen ... Om deze reden buig ik mijn knieën voor de Vader van onze Heer Jezus Christus, van wie de hele familie in hemel en aarde is genoemd, dat Hij u, naar de rijkdom van Zijn heerlijkheid, zou schenken om met kracht te worden versterkt door Zijn Geest in de innerlijke mens, opdat Christus door geloof in uw hart mag wonen; opdat u, geworteld en gegrond in liefde, met alle heiligen zult kunnen begrijpen wat [de] breedte en lengte en diepte en hoogte is - om de liefde van Christus te kennen die kennis doorgeeft; opdat u vervuld mag worden met heel de volheid van God. Nu aan Hem die in staat is om buitengewoon overvloedig te doen boven alles wat we vragen of denken, naar de kracht die in ons werkt, aan Hem [wees] glorie in de kerk door Christus Jezus aan iedereen
generaties, voor altijd en altijd. Amen. ... altijd biddend met alle gebed en smeking in de Geest, waakzaam hiertoe met alle volharding en smeking voor alle heiligen.
Bidden voor broeders en zusters in
Christus (2)
Filipijnen
1:3-11, 2:13,4:4-9
Ik dank mijn God bij elke herinnering aan u, altijd in elk gebed van mij dat ik u allen met vreugde verzoek, voor uw gemeenschap in het evangelie vanaf de eerste dag tot nu, vertrouwend op deze zaak, dat Hij die is begonnen met een goed werk in u zal het voltooien tot de dag van Jezus Christus ... En dit bid ik, dat uw liefde steeds meer zal toenemen
in kennis en alle onderscheiding, opdat u de uitstekende dingen mag goedkeuren, dat u oprecht en zonder overtreding mag zijn tot de dag van Christus, vervuld met de vruchten van gerechtigheid die [zijn] door Jezus Christus, tot eer en lof van God. ... want het is God die in u werkt om zowel te willen als te doen voor [Zijn] welbehagen. … Verblijd u altijd in de Heer. aanwinst zal ik zeggen, verheug u! Laat uw vriendelijkheid bekend zijn bij alle mannen. De Heer is nabij. Wees nergens bezorgd over, maar laat in alles door gebed en smeking, met dankzegging, uw verzoeken aan God bekend worden gemaakt; en de vrede van God, die alle begrip te boven gaat, zal je hart en geest bewaken door Christus Jezus. Eindelijk, broeders, wat dan ook
waar zijn, welke dingen [zijn] nobel, welke dingen ook [zijn] rechtvaardig, welke dingen [zijn] puur, welke dingen [zijn] lieflijk, welke dingen [zijn] van goed verslag, als [er] enige deugd is en als [ er is iets prijzenswaardigs - mediteer over deze dingen. De dingen die u hebt geleerd en ontvangen en gehoord en gezien in mij, deze doen, en de God van vrede zal met u zijn.
Bidden voor broeders en zusters in
Christus (3)
2
Tessalonicenzen 1: 11-12,2: 13-17,
3:1-5,16
Daarom bidden wij ook altijd voor u dat onze God u deze roeping waardig acht, en al het welbehagen van [Zijn] goedheid en het geloofswerk met kracht vervult, opdat de naam van onze Heer Jezus Christus verheerlijkt wordt in jou, en jij in Hem, volgens de genade van onze God en de Heer Jezus Christus. … Maar we zijn verplicht God altijd voor u te danken, geliefden van de Heer, omdat God u vanaf het begin heeft gekozen voor redding door heiliging door de Geest en geloof in de waarheid, waartoe Hij u heeft geroepen door ons evangelie, voor het verkrijgen van de heerlijkheid van onze Heer Jezus Christus. Daarom, broeders, blijf standvastig en houd u aan de tradities die u hebt geleerd, hetzij door woord of door onze brief. Nu mag
onze Heer Jezus Christus Zelf, en onze God en Vader, die ons heeft liefgehad en [ons] eeuwige troost en goede hoop door genade heeft gegeven, troost uw hart en vestigt u in elk goed woord en werk. (…) Ten slotte, broeders, bid voor ons dat het woord van de Heer [snel] zal worden verspreid en verheerlijkt, net zoals [het] is met u, en dat we mogen worden verlost van onredelijke en goddeloze mensen; want niet iedereen heeft geloof. Maar de Heer is trouw, die u zal vestigen en [u] zal beschermen tegen de boze. En we hebben vertrouwen in de Heer met betrekking tot u, zowel dat u doet en zult doen wat we u gebieden. Moge de Heer nu
richt je hart op de liefde van God en op het geduld van Christus. Moge de Heer van vrede Zelf u altijd vrede geven in alle opzichten. De Heer [wees] met jullie allemaal.
Trots Spreuken
13:10, 16:18
1 Johannes 2:16
Jakobus 4: 6
Spreuken
29:23
Door trots komt niets anders dan strijd, maar met de weloverwogen [is] wijsheid. Trots gaat voor vernietiging, en een hoogmoedige geest voor een val. De trots van een man zal hem nederig maken, maar de nederige van geest zal eer behouden.
Prioriteiten Matteüs 6:33
Spreuken 3: 9
Kolossenzen
1:28
1 Timoteüs 4: 8
Maar zoek eerst het koninkrijk van God en Zijn gerechtigheid, en al deze dingen zullen zijn
toegevoegd aan jou.
Uitstelgedrag Handelingen
24:25
Exodus 8: 9-10 Spreuken
3:27-28
Terwijl hij redeneerde over rechtvaardigheid, zelfbeheersing en het komende oordeel, Felix
was bang en antwoordde: "Ga voorlopig weg; als ik een geschikte tijd heb, zal ik je bellen. '
Beloften 2 Peter
1:4
1 John
2:25
Deut. 15: 6
1 Koningen 8:56
Waardoor ons buitengewoon grote en kostbare beloften zijn gegeven, dat u daardoor deelgenoten van de goddelijke natuur kunt zijn, door aan de corruptie [dat wil zeggen] in de wereld te ontsnappen door lust.
Profetie 2 Peter
1:20-21
Openbaring
22:18
1 Petrus 1:10
Dit eerst wetende dat geen enkele profetie van de Schrift enige persoonlijke interpretatie is, want profetie kwam nooit door de wil van de mens, maar heilige mannen van God spraken [zoals ze waren] bewogen door de Heilige Geest.
Zuiverheid 1 Timoteüs
4:12, 5:22
Spreuken
12:6
Psalm 19: 8
Spreuken
20:11 Matteüs 5: 8
Laat niemand uw jeugd verachten; maar wees een voorbeeld voor de gelovigen, in woord, in gesprek, in naastenliefde, in geest, in geloof, in zuiverheid. Leg niemand haastig de handen op en deel niet in de zonden van anderen; houd jezelf zuiver.
Vragen Luke
2:46
1 Kor. 10:27
En het geschiedde dat ze hem na drie dagen in de tempel vonden, zittend in de
te midden van de dokters, die ze allebei hoorden en ze vragen stelden.
Opstand 1 Samuel
15:23
Hebreeën 3: 8
Want rebellie [is als] de zonde van hekserij en koppigheid [is als] ongerechtigheid en afgoderij. Omdat u het woord van de HEER hebt verworpen, heeft hij u ook afgewezen als koning.
Regeneratie Titus 3: 5
Matteüs 19:28
Niet door werken van gerechtigheid die we hebben gedaan, maar volgens Zijn genade redde Hij ons door het wassen van wedergeboorte en vernieuwing van de Heilige Geest.
Relaties Spreuken
12:26
Spreuken
18:24
De rechtvaardigen moeten zijn vrienden zorgvuldig kiezen, want de weg van de goddelozen leidt hen
op een dwaalspoor.
Berouw Markus 1: 4
Matteüs 9:13 Handelingen
20:21
Lucas 13: 3
Johannes kwam dopen in de woestijn en predikte een doop van bekering voor de
vergeving van zonden. Ik zeg je, nee; maar tenzij u zich bekeert, zult u allen eveneens omkomen.
Reputatie Spreuken
25:10 Handelingen 6: 3
Filipijnen
2:7
Tenzij hij die het hoort, uw schaamte aan het licht brengt, en uw reputatie wordt geruïneerd. Maar maakte Zichzelf niet bekend, nam de vorm aan van een slaaf, en kwam in de gelijkenis van mensen.
Respect Psalm 40: 4
Jesaja 17: 7
Matteüs 21:37
Hebreeën 12: 9
Gezegend is die man die de HERE zijn vertrouwen schenkt, en de hoogmoedigen niet respecteert, noch
zoals afzien van leugens. Op die dag zal een man naar zijn Maker kijken, en zijn ogen zullen respect hebben voor de Heilige van Israël.
Verantwoordelijkheid 1 Chr.
9:27
Ezechiël
10:4
Romeinen 15:27
En zij logeerden [rondom] het huis van God omdat zij [de] verantwoordelijkheid hadden,
en zij [waren] verantwoordelijk voor het openen [het] elke ochtend.
Rust uit Genesis
2:1-2
Exodus 33:14
Exodus 35: 2
Matthew
11:28-29
Openb. 14: 11,13
Zo waren de hemelen en de aarde, en al het leger daarvan, voltooid. En op de zevende dag beëindigde God Zijn werk dat Hij had gedaan, en Hij rustte op de zevende dag van al Zijn werk dat Hij had gedaan.
Wederopstanding Matthew
28:1-6
1 Kor.
15:21
Handelingen 17:18
1 Petrus 1: 3
Hij is hier niet; want Hij is opgestaan, zoals Hij zei. Kom, zie de plaats waar de Heer lag. Sindsdien
door de mens [kwam] de dood, door de mens [kwam] ook de opstanding van de doden.
Wraak (wraak) Romeinen 12:19
Lukas 6: 27-28
Geliefden, wreken uzelf niet, maar geven liever plaats aan de toorn; want er staat geschreven,
'Wraak [is van mij, ik zal terugbetalen]', zegt de Heer.
Beloning Matteüs 16:27
Markus 9:41
1 Kor.
3:11-14
Want de Mensenzoon zal komen in de heerlijkheid van Zijn Vader met Zijn engelen, en dan zal Hij dat doen
beloon ieder naar zijn werken.
Rijkdom 1 Timoteüs
6: 7-9
Spreuken
11:28
Spreuken 22: 1
Markeer 10: 24-25
Want we hebben niets in [deze] wereld gebracht, en [het is] zeker dat we niets kunnen dragen
uit. Een goede naam moet worden gekozen in plaats van grote rijkdom, liefdevolle gunst in plaats van zilver en goud.
Gerechtigheid Genesis
15:6
Psalm 11: 7
Psalm
23:3
2 Kor. 5:21
En hij geloofde in de Heer, en Hij rekende het hem toe tot gerechtigheid. Want de Here is rechtvaardig, Hij heeft rechtvaardigheid lief; Zijn gelaat aanschouwt de oprechte.
Sabbat Exodus 16:26,
20:8
Matteüs 12: 8, 12:12
Zes dagen zult u het verzamelen, maar op de zevende dag, de sabbat, zal er geen zijn. ' Denk aan de sabbatdag om hem heilig te houden.
Droefheid Nehemia 2: 2,
8:9, 10
Eccl. 7: 3
Johannes 16:20
Op.21: 4
Daarom zei de koning tegen mij: 'Waarom is je gezicht bedroefd, omdat je niet ziek bent? Dit is niets anders dan verdriet van hart. ' Dus ik werd vreselijk bang, en God zal elke traan uit hun ogen wegvegen; er zal geen dood meer zijn, noch verdriet, noch huilen. Er zal geen pijn meer zijn, want de eerste dingen zijn voorbijgegaan. '
Redding 1 Chr. 16:23
Psalm 3: 8
Handelingen 4:12
Romeinen 1:16
2 Kor.
6:2
Hebreeën 2: 3
Zing voor de HERE, heel de aarde; Verkondig van dag tot dag het goede nieuws van Zijn redding. Redding [behoort] aan de HEER. Uw zegen rust op Uw volk. Hoe kunnen we ontsnappen als we zo'n grote redding negeren?
Heiliging 1 Thess.
4:3
2 Thess. 2: 131 Kor. 6:11
Hebreeën 10:10
Want dit is de wil van God, uw heiliging: dat u zich onthoudt van seksuele immoraliteit; Door die wil zijn we geheiligd door het offer van het lichaam van Jezus Christus eens [voor altijd].
Satan Genesis
3:3-5
Taak 1: 6
Mark
1:13
Op.20: 10
Nu was de slang sluwer dan enig beest van het veld dat de Here God had gemaakt. Nu was er een dag dat de zonen van God kwamen om zich voor de HERE te presenteren, en Satan [fn] kwam ook onder hen.
Tweede komst Op.1: 7
Zacharia
14:1
Matthew
24: 27- 42 John
14:1-3
Hebreeën 10:37
Zie, Hij komt met wolken en elk oog zal Hem zien, zelfs zij die Hem doorboord hebben.
En alle stammen van de aarde zullen vanwege Hem rouwen. Toch, Amen.
Zelf 2 Timoteüs
3:2
Filippenzen 2: 3
Want mannen zullen zichzelf liefhebben, geldliefhebbers, opscheppers, trots, godslasteraars,
ongehoorzaam aan ouders, ondankbaar, onheilig.
Zelfvertrouwen Hebreeën
10:35
Kolossenzen
1:21-22,2:10
Werp daarom uw vertrouwen niet weg, dat een grote beloning heeft. En je bent compleet in Hem, die het hoofd is van alle vorstendom en macht.
Dienstbaarheid Matteüs 20:26 Mark
9:35
Lukas 16:13
Toch zal het onder u niet zo zijn; maar wie onder u groot wil worden, laat hem uw dienaar zijn.
Ziekte Spreuken 18:14 Matteüs
4:23
2 Timoteüs
4:20
Jakobus 5:14
Markus 2:17
De geest van een man zal hem in ziekte ondersteunen, maar wie kan een gebroken geest verdragen? Wanneer
Jezus hoorde [het], Hij zei tegen hen: “Degenen die gezond zijn hebben geen dokter nodig, maar zij die ziek zijn. Ik ben niet gekomen om [de] rechtvaardigen, maar zondaars, tot bekering te roepen. ”
Zonde Romeinen 6:23,
5:8,5:12
1 Johannes 1: 8-9
Psalm
119:11
Spreuken 20: 9
Want het loon van de zonde is de dood, maar de gave van God is het eeuwige leven in Christus Jezus, onze
Heer. Uw woord heb ik in mijn hart verborgen, opdat ik niet tegen U zondig. Wie kan zeggen: "Ik heb mijn hart rein gemaakt, ik ben rein van mijn zonde"?
Vrijheid 2 Chr. 30:12
Handelingen
2:46
Zefanja 3: 9
Ook was de hand van God op Juda om hun eenzaamheid van hart te geven om het gebod van te gehoorzamen
de koning en de leiders, op het woord van de HEER.
Leed Spreuken
23:29 Spreuken 10:22
Nehemia 8:10
Genesis 3:16
Wie heeft wee? Wie heeft er verdriet? Wie heeft er twisten? Wie heeft er klachten? Wie heeft er wonden zonder oorzaak? Wie heeft roodheid van de ogen?
Ziel Genesis 35: 18 Leviticus
17:11
Matthew
10:28,
16:26
En zo riep ze, terwijl haar ziel vertrok (want ze stierf), zijn naam Ben-Oni; maar
zijn vader noemde hem Benjamin. Voor welke winst is het voor een man als hij de hele wereld wint en zijn eigen ziel verliest? Of wat geeft een man in ruil voor zijn ziel?
Toespraak Psalm
19:2:3
Genesis
11:1
Spreuken 17: 7
Kolossenzen
4:6
Dag tot dag spreekt spraak, en nacht tot nacht onthult kennis. [Er is] geen spraak of taal [Waar] hun stem niet wordt gehoord. [Laat] je toespraak altijd [wees] met gratie.
Spirituele gaven 1 Kor. 12: 1,4
-11
Efeziërs
4:7-8
Wat betreft geestelijke gaven, broeders, ik wil niet dat u onwetend bent: er zijn verschillende soorten gaven, maar dezelfde Geest.
Spanning Psalm
143:4
Matteüs 26:37
Daarom is mijn geest in mij overweldigd; Mijn hart in mij is van streek.
Koppigheid 1 Samuël 15:23 Spreuken
29:1
Psalm 81:12
Want rebellie [is als] de zonde van hekserij, en koppigheid [is als] ongerechtigheid en afgoderij. Omdat u het woord van de HEER hebt verworpen, heeft Hij u ook afgewezen als koning. ' Dus gaf ik ze over aan hun eigen koppige hart, om in hun eigen raad te wandelen.
Inzending 1 Peter
5:5
1 Timoteüs
2:11, 3:4
1 Petrus 3: 1
Jakobus 4: 7
Evenzo, jongere mensen, onderwerpt u zich aan [uw] ouderlingen. Ja, jullie zijn allemaal onderworpen aan elkaar en gekleed in nederigheid, want "God verzet zich tegen de hoogmoedigen, maar geeft genade aan de nederigen."
Zelfmoord 1 Samuël 31: 4 Matteüs 27: 5
2 Samuel
17:23
Toen zei Saul tegen zijn wapendrager: 'Trek je zwaard en steek me erdoor, opdat deze onbesneden mannen niet komen en me erdoor stoten en mishandelen.' Maar zijn wapendrager wilde niet, want hij was enorm bang. Daarom nam Saul een zwaard en viel erop.
Lijden Hebreeën
2:9
Jakobus 5: 10,13 Judas
1:7
Maar we zien Jezus, die een beetje lager werd gemaakt dan de engelen, voor het lijden van de dood bekroond met glorie en eer, opdat Hij, door de genade van God, de dood zou smaken
Onderwijs Matteüs 4:23,
7:28
Handelingen
5:42
Kolossenzen
3:16
En Jezus ging rond in heel Galilea, onderwees in hun synagogen, predikte het evangelie van het koninkrijk en genas allerlei ziekten en allerlei ziekten onder de mensen.
Verleiding Matteüs 6:13,
26:41
Lukas 4:13
1 Kor. 10:13 James
1:12-15
En leid ons niet in verzoeking, maar verlos ons van de boze. Want de jouwe is het koninkrijk en de kracht en de heerlijkheid voor altijd. Amen. Maar iedereen wordt verleid wanneer hij wordt weggetrokken door zijn eigen verlangens en verleid.
Getuigenis Deut.
17:6
Lukas 9: 5
Handelingen 22:12
2 Timoteüs 1: 8
Wie de dood verdient, wordt ter dood gebracht op getuigenis van twee of drie getuigen; hij zal niet ter dood worden gebracht op getuigenis van één getuige.
Dankbaarheid Psalm 100: 4
Romeinen
1:21
Kolossenzen
3:15
2 Timoteüs 3: 2
Betreed Zijn poorten met dankzegging, [En] met lof in Zijn voorhoven. Wees Hem dankbaar, [en] zegen Zijn naam. En laat de vrede van God heersen in uw hart, waartoe ook u in één lichaam werd geroepen; en wees dankbaar.
Proeven Lucas 22:28
Handelingen
20:19
Jakobus 1: 2
1 Petrus 1: 6
Maar jullie zijn degenen die met Mij zijn doorgegaan in Mijn beproevingen. De Heer dienen met alle nederigheid, met veel tranen en beproevingen die mij overkomen zijn door het beramen van de Joden.
Problemen Baan 14: 1
Psalm 34:17
Spreuken
21:23
Jesaja
65:16
Markus 3:18
'Een man die uit een vrouw is geboren, heeft een paar dagen en zit vol moeilijkheden. [De rechtvaardigen] schreeuwen,
en de HEERE hoort, en verlost hen uit al hun moeilijkheden.
Vertrouwen 2 Samuël 22:31 Job
13:15
Psalm 2:12,
34:22, 37:5
1 Timoteüs
4:10
[Wat betreft] God, Zijn weg [is] perfect; Het woord van de HEER is bewezen; Hij [is] een schild voor iedereen die op Hem vertrouwt. Hiertoe werken en lijden wij beiden smaad, omdat wij vertrouwen op de levende God, die [de] Redder is van alle mensen, vooral van degenen die geloven.
Waarheid Psalm 119: 160 Johannes 14: 6
Efeziërs
1:13
1 Timoteüs
2:4
2 Timoteüs
2:15 Hebreeën 10:26
Het geheel van Uw woord [is] waarheid, En elk van Uw rechtvaardige oordelen [verdraagt]
voor altijd. Jezus zei tegen hem: 'Ik ben de weg, de waarheid en het leven. Niemand komt tot de Vader dan door Mij.
Ongeloof Matteüs 13:58 Mark
16:14
Romeinen 3: 3
Hebreeën 3:12,
19
Nu deed Hij daar niet veel machtige werken vanwege hun ongeloof. Pas op, broeders, opdat niemand van u een boos hart van ongeloof heeft in het verlaten van de levende God.
Ongelovigen Lukas 12:46
2 Kor. 6:14
De meester van die dienaar zal komen op een dag dat hij [hem] niet zoekt, en op een uur dat hij niet op de hoogte is, en zal hem in tweeën delen en [hem] zijn deel met de ongelovigen benoemen.
Eenheid Psalm 133: 1
Efeziërs 4: 3,13 Romeinen
6:15
Zie, hoe goed en hoe aangenaam is het voor broeders om samen in eenheid te wonen, want als we verenigd zijn in de gelijkenis van Zijn dood, zullen we zeker ook [in de gelijkenis] zijn van [Zijn] opstanding.
Wraak (wraak) Romeinen 12:19
Lukas 6: 27-28
Geliefden, wreken uzelf niet, maar geven liever plaats aan de toorn; want er staat geschreven: "Wraak [is van mij, ik zal vergelden]", zegt de Heer.
Oorlogvoering 2 Kor. 10: 4
1 Timoteüs
1:18
2 Timoteüs 2: 4
Want de wapens van onze oorlogvoering zijn niet vleselijk, maar machtig in God om neer te halen
bolwerken. Niemand die zich met oorlogvoering bezighoudt, houdt zich bezig met de zaken van dit leven, opdat hij hem mag behagen die hem als soldaat heeft aangeworven.
Waakzaam 1 Petrus 5: 8
2 Timoteüs 4: 5
1 Petrus 4: 7
Wees nuchter, wees waakzaam; want je tegenstander de duivel loopt rond als een brullende leeuw, op zoek naar wie hij kan verslinden. Maar het einde van alle dingen is nabij; wees daarom ernstig en waakzaam in uw gebeden.
Vermoeidheid Galaten
6:9
2 Kor.
11:7
Hebreeën 12: 3
En laten we niet moe worden terwijl we goed doen, want te zijner tijd zullen we oogsten als we dat niet doen
de moed verliezen.
Slecht Psalm
9:17
Spreuken 11: 7
Jeremia
17:9
Efeziërs
6:16
De goddelozen zullen in de hel worden veranderd, [en] alle natiën die God vergeten. God [is] een rechtvaardige rechter, en God is elke dag boos [op de goddelozen].
Wijsheid Psalm 111: 10
Spreuken 3:19 Romeinen
11:33
1 Kor.
3:19
Jakobus 1: 5
De vrees voor de HEER is het begin van wijsheid; de HERE heeft door wijsheid de aarde gegrondvest; Door het te begrijpen vestigde Hij de hemel.
Getuige Handelingen
26:22
Handelingen
22:15
Handelingen 1: 8
Daarom sta ik, nu ik hulp van God heb verkregen, tot op de dag van vandaag, getuige van zowel kleine als grote, en zeg niets anders dan de dingen waarvan de profeten en Mozes zeiden dat ze zouden komen.
Woord Matthew
4:4
Johannes 1: 1,14
Johannes 5:24
Handelingen 8: 4
Maar Hij antwoordde en zei: "Er staat geschreven: 'De mens zal niet leven van brood alleen, maar van elk woord dat uit de mond van God uitgaat. Daarom gingen degenen die verstrooid waren overal heen om het woord te prediken.
Werk Genesis
2:2
1 Kor.
15:58
2 Thess.
3:10-12
En op de zevende dag beëindigde God Zijn werk dat Hij had gedaan, en Hij rustte op de
zevende dag van al Zijn werk dat Hij had gedaan.
Wereld Psalm
89:11,96:13
Matthew
5:4
Markus 16: 5
Johannes 1:10
1 Johannes 2:15
De hemel is van u, de aarde is ook van u; De wereld en al haar volheid, U hebt ze gesticht. Hij was in de wereld en de wereld werd door Hem gemaakt en de wereld kende Hem niet.
Zich zorgen maken Matthew
6: 25,34 Matteüs 10:19
Lucas 12:26
Filipijnen
4:6
'Daarom zeg ik u: maak u geen zorgen over uw leven, wat u zult eten of wat u zult drinken; noch over je lichaam, wat je aan zult trekken. Is het leven niet meer dan eten en het lichaam meer dan kleding?
Aanbidden Exodus 34:14
Psalm 29: 2
Matteüs 4:10
Johannes 4:24
Want u zult geen andere god aanbidden, want de HERE, wiens naam [is] jaloers, [is] een jaloerse God), zei Jezus tegen hem: "Weg met u, Satan! Want er staat geschreven: 'Gij zult de Here, uw God, aanbidden, en alleen Hij zult u dienen.' * '
Toorn John
3:36
Romeinen 1: 18,5: 9 Efeziërs
4:31,5:6
Hij die in de Zoon gelooft, heeft eeuwig leven; en hij die de Zoon niet gelooft
zal het leven niet zien, maar de toorn van God blijft op hem. '
Jeugd Psalm 25: 7 Prediker
12:1
1 Timoteüs
4:12
Oh herinner me niet de zonden van mijn jeugd, noch mijn overtredingen; Volgens uw genade
gedenk mij, ter wille van uw goedheid, o HEER.
Ijver Titus 2:14
Romeinen 12: 2
Die Zich voor ons heeft gegeven, opdat Hij ons van elke wetteloze daad kan verlossen en zuiveren
voor Zichzelf [Zijn] eigen speciale mensen, ijverig voor goede werken. Want ik getuig ze
dat ze ijver voor God hebben, maar niet volgens kennis.
Delen